Jarenlang heeft de heer Abdelghafour Ahalli zich jegens tegenstanders kunnen bedienen van z’n aloude dooddoener, namelijk dat de desbetreffende Nederlands-Marokkaanse opponent zou handelen in opdracht van het regime in Rabat. Aldus was in één beweging de tegenstander geneutraliseerd én de reputatie van Ahalli als strijder voor een vrijzinnige diaspora en een vrij Marokko versterkt. Nu hij zijn pijlen heeft gericht op de Raad van Marokkaanse Moskeeën, die hij eveneens van collaboratie met het regime beschuldigt, komt duidelijk aan het licht dat deze truc van de heer Ahalli zijn effect heeft verloren.

RMMN is een zelfstandige organisatie die werkt volgens haar eigen visie. Alleen haar leden hebben hierop invloed, dus niet de Marokkaanse autoriteiten. RMMN heeft altijd uit eigen initiatief gehandeld en zal dat blijven altijd doen. De aantijging dat de RMMN, door op te roepen om deel te nemen aan het referendum voor de grondwetswijziging, handelt volgens ‘opdrachten uit Rabat’ is dan ook potsierlijk te noemen.

Voor alle duidelijkheid: het zijn niet alleen Marokkanen met de Nederlandse nationaliteit die de RMMN-moskeeën bezoeken; ook de Marokkanen die (nog) geen Nederlander zijn komen er. Alle Marokkanen hebben het recht om hun stem in het referendum te laten horen. Dit geldt in het bijzonder voor hen die alleen de Marokkaanse nationaliteit hebben.

De voorgestelde grondwetswijzigingen zijn veelbelovend: de gelijkstelling voor de wet van man en vrouw, een officiële status voor het Tamazight, het recht van buitenlanders om deel te nemen aan de plaatselijke verkiezingen, versterking van de bevoegdheid van de minister-president en het parlement en het recht voor de Marokkanen wereldwijd om mee te doen in alle verkiezingen. Dit zou alle Marokkanen wereldwijd moeten inspireren om van hun democratisch recht gebruik te maken om zich via de stembus uit te laten: zij het voor het wijzigingsvoorstel – omdat men de aangeboden democratisering wil omarmen – , dan wel tegen – omdat men met minder dan het hoogst haalbare geen genoegen wenst te nemen.

De oproep van de RMMN aan de Marokkaanse gelovigen is niet om vóór te stemmen, maar om méé te stemmen en aldus uiting te geven aan hun betrokkenheid met de democratische hervormingen. Veranderingen kunnen tegenwoordig alleen maar worden bereikt via de stembus en niet door het wegblijven van die stembus.

Ik hoop hiermee ons standpunt duidelijk te hebben gemaakt,

Yahia Bouyafa, voorzitter Raad Marokkaanse Moskeeen Nederland